25 jaar Samen Sterk: Jan-Willem Lobeek over de Natuur en Milieufederatie Groningen

25 jaar Samen Sterk

De Stichting Natuur en Milieufederaties bestond in 2022 alweer 25 jaar. Samen maken we ons al 25 jaar sterk voor mooie en duurzame provincies! Dit vieren we met onze twaalf federaties doormiddel van verschillende inspirerende verhalen. Iedere maand gaan we in gesprek met een directeur van een federatie. We staan stil bij bijzondere momenten uit ons bestaan en kijken naar de toekomst.

24 maart 2023

Deze keer gaan we in gesprek met Jan-Willem Lobeek directeur-bestuurder van Natuur en Milieufederatie Groningen. Welke uitdagingen liggen er voor deze federatie en hoe vliegen ze die aan? Hoe vieren ze hun jubileum en wat is de kracht van 25 jaar verbondenheid? Jan-Willem geeft antwoord op onze vragen.

Vroeger

Wanneer is jullie federatie opgericht en waarom?

“De oprichting van onze federatie vond plaats begin juli 1973 en we bestaan dit jaar dus alweer 50 jaar! Bij de oprichting destijds zijn in totaal dertien organisaties betrokken geweest, waaronder de Vogelbescherming, Natuurmonumenten, het IVN en Het Groninger Landschap. Rond deze tijd werd de milieuproblematiek steeds meer zichtbaar. De publicatie van de Club van Rome is hier een goed voorbeeld van. Vanuit een gedeelde betrokkenheid en bezorgdheid voor de Groningse natuur zijn de partijen samengekomen.

Een belangrijke speler in de oprichting was Jan Bakker, destijds een net afgestudeerd ecoloog. Hij en andere activistische leden van Natuurmonumenten wilden destijds dat de vereniging politieke standpunten ging innemen. Maar aangezien zij hun handen al vol hadden aan hun eigen natuurterreinen leidde dat uiteindelijke tot het initiatief om nieuwe lobbyorganisaties van de grond te krijgen.

Daarnaast is er ook een kans dat de oprichting gepaard ging met de opening van de Eemshaven in Groningen. Dit is een haven die toentertijd is ontworpen om bij te dragen aan groei in chemische industrie in Nederland. Er was in Groningen al veel op het gebied van Chemie en het vooruitzicht was, dat dit nog verder zou toenemen. Hier werd vanuit natuur en milieu met enige zorg naar gekeken. Ik heb het helaas nog niet in de archieven kunnen vinden, maar het zou me niets verbazen als dit met elkaar te maken heeft gehad.”

De missie in Groningen

Wat zijn de uitdagingen waar Groningen momenteel voor staat op het gebied van natuur en milieu?

“De eerste is: Hoe gaan we om met de ruimte in Groningen. Op het moment hebben we namelijk meer opgaven dan ruimte hier. Daar komt nog eens bij dat de rest van Nederland lijkt te denken dat er ruimte zat is in Groningen, maar niets is minder waar. Omdat Nederland zo dichtbevolkt is lijkt het alsof het hier dunbevolkt is, maar ook wij hebben ruimte schaarste. Dit beeld zorgt er helaas voor dat er verwacht wordt dat Groningen veel ruimte reserveert voor bijvoorbeeld de energietransitie. Dit creëert bezorgdheid onder de inwoners en roept vragen op. Hoe authentiek blijft het landschap en wat doet de bouw van wind- en zonneparken met de biodiversiteit?

De tweede uitdaging is iets bekender, namelijk: de aardbevingsproblematiek door de aardgaswinning. Dit is het grootste milieuschandaal door een industriële activiteit in de afgelopen 50 jaar. We zitten nu met de negatieve gevolgen hiervan. Er zijn woningen letterlijk stuk, maar het heeft ook veel gedaan met de structuren van woningen. Dit zorgt voor een enorme herstel- en versterkingsopgave die behoorlijke impact heeft. Je merkt dat dit niet bijdraagt aan het draagvlak creëren voor andere belangrijke zaken. Het voelt voor veel inwoners alsof ze niet geholpen worden én ook nog eens met zonnepanelen en windmolens worden opgescheept.

Het gevoel bestaat hier dat Groningen het putje van Nederland is. Alles wat ze/we in het westen niet willen hebben, dat kan wel naar Groningen. Dat creëert weerstand tegen bepaalde ontwikkelingen.

De derde uitdaging is een soort van paradox. We hebben hier namelijk een relatief klein stikstofvraagstuk als je kijkt vanuit het natura 2000-perspectief. Groningen profileert zich als landbouwprovincie en dat is precies onze zorg, want de opgaven zijn hier niet minder groot vanuit bijvoorbeeld klimaatperspectief of waterhuishoudingsperspectief. Dus stikstof zal niet zo’n grote impact op de landbouw hebben, maar de landbouw heeft wel impact op de andere opgaven. Dat besef is hier nog niet helemaal doorgedrongen. Men denkt dat er met kleine aanpassingen op het gebied van stikstof, iedereen gewoon door kan gaan op de ingeslagen weg. En dat zal niet zo zijn. Er is dus nog een lange weg te gaan.”

Hoe vliegen jullie deze uitdagingen aan?

“Dit doen we op twee verschillende hoogtes. De ene is dat we door publicaties en interventies in beleid vooral roepen dat het anders moet en anderzijds proberen we via projecten te laten zien dat het ook anders kan. Dat zijn grofweg de twee aanvliegroutes. Kort gezegd: de noodzaak van de transitierichting benoemen en anderzijds proberen daar vorm aan te geven door middel van pioniersprojecten.

En de aardbevingsproblematiek is dermate omvangrijk dat we dat als federatie nooit alleen kunnen. Hiervoor hebben we met andere partijen een samenwerkingscoalitie gesloten (Het Groninger gasberaad). Hierin proberen we gezamenlijk de belangenbehartiging te doen en werkt iedere partij vanuit zijn eigen rol aan verbetering.”

“Het gevoel bestaat hier dat Groningen het putje van Nederland is. Alles wat ze/we in het westen niet willen hebben, dat kan wel naar Groningen. Dat creëert weerstand tegen bepaalde ontwikkelingen.”

Jan-Willem Lobeek

Landelijk en regio maken elkaar sterker

In 2023 bestaat de Natuur en Milieufederatie Groningen 50 jaar. Zijn jullie van plan om dit te vieren? Zo ja, hoe? 

“Jazeker! We hebben gekozen voor een soort driesporenbeleid. Het eerste spoor is meer aanvullend. Het is namelijk ook zo dat we toevallig dit jaar onze strategische visie herijken en hiervoor zouden we sowieso al een aantal bijeenkomsten organiseren voor onze achterban. We zullen deze bijeenkomsten iets meer in een jubileum jasje steken door ze in te leiden met wat historisch perspectief en info over ons 50 jarig bestaan.

Ons jubileum zelf willen we echt vormgeven door twee grootschalige evenementen. Eén aan het begin van de zomer met de (werk)titel ‘Het duurzaamheidsfestival’. We zullen op een zondag een groot deel van onze achterban en lokale organisaties een podium bieden voor de rest van Groningen. Hiermee laten we de inwoners op een feestelijk en creatieve manier zien wat voor toffe en inspirerende dingen er gebeuren in de provincie.

Daarnaast organiseren we in november een grootschalig symposium in het thema van ons jubileum: ‘groeiende verandering, veranderende groei’. Hiervoor kijken we naar diverse high profile sprekers. Dit symposium is de afsluiter van het jubileumjaar en die willen we dan ook gelijk gebruiken om onze nieuwe strategische visie te presenteren.

Dus zo koppelen we de herijking van de strategische visie en het jubileum aan elkaar. Met aan de voorkant de dialoog met de achterban en het ophalen van ideeën vanuit hen en aan de achterkant laten we zien wat we met de opgehaalde informatie doen en hoe we hier in de toekomst mee aan de slag gaan.”

Wat betekent de landelijke samenwerking voor jullie als federatie?

“Het betekent heel veel voor ons op een aantal niveaus. Allereerst is de landelijke samenwerking een manier om kennis te delen, ervaringen uit te wisselen en om van elkaar te leren.

Als tweede is de samenwerking ook een toegang tot het landelijke beleids- en beslissingsniveau. Vanuit Groningen is het best lastig om de politiek in Den Haag te bewerken, maar via de landelijke samenwerking zijn we toch in staat om dit op een aantal thema’s te doen. Echt een succesvoorbeeld hiervan is dat we op landelijk niveau aan de klimaattafel deel mochten nemen. Hierdoor hebben we dingen kunnen inbrengen die vervolgens ook in beleid werden opgenomen. Deze positie aan tafel zorgt er niet alleen voor dat het beleid aangepast wordt, maar ook dat we positie hebben verkregen in de uitvoering daarvan.

En niet alleen beleidsinhoudelijk, maar ook qua projecten en acquisitie kunnen wij meedelen in de grote landelijke ‘pot’. Zo draaien wij ook mee voor grote projecten die mogelijk in het land gedraaid worden.

Dus ja, de landelijke samenwerking brengt ons in onze ogen heel veel. Als je het mij vraagt, dan mag de samenwerking zelfs nog sterker worden. Zo vind ik het heel tof dat we een gezamenlijke huisstijl hebben en we echt een soort familie van federaties zijn. Ik vind het fijn om te kunnen vertellen dat wij in alle andere provincies ook gelijkgestemde partijen hebben.”

Steun van de Nationale Postcode Loterij

Op welke manier helpt de Nationale Postcode Loterij jullie verder met jullie missie?

“Voornamelijk door jaarlijks het ‘no questions asked-bedrag’ beschikbaar te stellen. Dat geeft ons veel slagvaardigheid om dingen te doen. We krijgen ook provinciale subsidies, maar het is vrij gekaderd waarvoor we die kunnen inzetten. De Nationale Postcode Loterij geeft ons met de steun slagkracht en wendbaarheid om op dingen in te kunnen spelen of om bepaalde beleidsmatige stappen te kunnen zetten. Dit hadden we anders niet kunnen doen. Dus voor ons succes is dit een essentiële factor.”

Heb je hiervan misschien een voorbeeldactie of -project?

“Nou wij hebben bijvoorbeeld met onze subsidie gevende provincie afgesproken dat wij geen juridische procedures bekostigen uit publieke middelen. Dat betekent dat we die middelen dus ergens anders vandaan moeten halen. Nu voeren wij niet vaak juridische procedures, maar het feit dat we de steun van de Nationale Postcode Loterij hebben, maakt dat we wel die mogelijkheid hebben. De praktijk leert namelijk dat wanneer je een juridische procedure aanspant, je een positie inneemt die andere partijen serieus nemen. En dat is uiteraard belangrijk voor ons.

Een andere positieve kant van de steun is dat er regelmatig bij projecten gezegd wordt: ‘Dat is een goed idee! We zijn wel bereid om dat deels te financieren, maar jullie moeten zelf ook een stukje financiering meenemen’. Voor dit soort gevallen is de steun ook praktisch.”

“Mijn echte hoop is dat we niet meer nodig zijn en we collectief ontslag kunnen indienen, omdat onze missie geslaagd is.”

Jan-Willem Lobeek

De toekomst

Welke dingen voorzie je voor de toekomst?

“Nou er zit een soort raar paradox in de toekomst. Een deel van onze werkterreinen zijn zo gangbaar geworden dat steeds meer partijen zich daarin begeven. Ik denk dat de meerderheid van Nederland nu wel doorheeft dat klimaatverandering een probleem is waar we iets mee moeten. Maar dat betekent dat steeds meer partijen zich in dat speelveld begeven en dat het misschien wel lastiger is om onze unieke positie te houden. Dat zie ik niet zozeer als concurrentie, maar de zichtbaarheid van ons neemt daardoor wel af. En dat is een beetje het gekke paradox; aan de ene kant krijg je min of meer je gelijk, maar dit zit ook je onderscheidende waarde in de weg.

Daarnaast zie ik ook dat de urgentie en de omvang van de problemen toeneemt. Dus dat ons werk relevanter is dan ooit. Het is helaas nog maar de vraag of we genoeg middelen hebben om daar handen en voeten aan te geven.”

En wat is je hoop voor de toekomst?  

“Mijn echte hoop is dat we niet meer nodig zijn en we collectief ontslag kunnen indienen, omdat onze missie geslaagd is. Maar ik vrees dat ik dat binnen mijn werkzame leven niet meer mag meemaken. Maar stel we zijn nog wel nodig, dat we in staat zijn om het verschil te maken en we de noodzakelijke transitie in gang zetten.”

Heb je een boodschap die je zou willen delen?

“Het is een dubbele boodschap. Als je achterom kijkt dan hebben we in 50 jaar veel bereikt en zijn er dingen die we nu volstrekt normaal zijn gaan vinden. En dat is mede een verdienste van onze inzet. Dus we hebben echt wel een verschil gemaakt.

De andere kant van m’n boodschap is dat we echt nog wel tijd nodig hebben voor het realiseren van een aantal transities om daarin ook het verschil te kunnen maken. Er wordt vaker tegen ons gezegd: ‘blijf de luis in de pels, want zonder jullie redden we het niet’. De maatschappij heeft partijen zoals die van ons nodig om die transities in gang te zetten.”

Met dank aan de Nationale Postcode Loterij